x
Clubs Clubs Clubs Clubs A A A A
Bijnamen voor collega’s horen erbij. Dat is acceptabel zolang zij er zelf geen bezwaar tegen maken.
Wat vind jij? Maakt het uit of je collega het zelf wel of niet acceptabel vindt? Hoe denk je over de druk van de groep of eenheid?

Binnen hechte teams kunnen bijnamen – ook minder vleiende – bijdragen aan verbondenheid en kameraadschap. Toch blijft het belangrijk dat militairen doen wat juist is, ongeacht de mening van de groep. Een professional blijft handelen naar wat hij of zij verantwoord vindt, ook als anderen dat anders zien.

Sommige militairen dragen een bijnaam als een geuzennaam, maar anderen kunnen een bijnaam juist vervelend of beledigend vinden. Sommigen doen alsof het ze niet raakt, simpelweg omdat het lastig is om dit te zeggen in de groep of omdat ze erbij willen horen. Je kunt er dus nooit zomaar van uitgaan dat "niemand het erg vindt" alleen omdat niemand zich hardop heeft beklaagd. De krijgsmacht heeft mensen nodig met voldoende ruggengraat om groepsdruk te weerstaan wanneer dat nodig is.

Je kunt letten op hoe de collega reageert: lachen ze mee, of kijken ze ongemakkelijk? Let ook op de frequentie en context: wordt de bijnaam gebruikt als een grap op een passend moment, of steeds op een manier die anderen raakt?

Zorg dat de bijnaam nooit gebruikt wordt om iemand te kleineren of uit te sluiten, ook als het onschuldig bedoeld is, maar dat hij bedoeld is om iemand bij de groep te trekken. Zo blijft humor binnen het team mogelijk, maar wordt duidelijk waar de grens ligt en blijft de eenheid sterk en professioneel.

Oliver Brett, ‘What’s in a nickname?’ http://news.bbc.co.uk/1/hi/magazine/7829013.stm

Paul Robinson, ‘Magnanimity and Integrity as Military Virtues’, Journal of Military Ethics, 6 (2007), p261-262.

x
x
x
x